Inbakeren geeft onrust? huilbaby.com

Wie googled op inbakeren komt tegenstrijdige berichten tegen. Helpt inbakeren wel of niet? Heeft het risico’s of niet? De meningen van deskundigen lopen ver uiteen. De ene deskundige ziet vrijwel altijd een positief resultaat als ouders hun baby gaan inbakeren. Andere deskundigen hebben een negatieve mening over inbakeren en prijzen vervolgens hun eigen deskundigheid aan met bijna 100% succesgarantie. Wie of wat kun je nog geloven?

Besef dat het hebben van kinderen je kwetsbaar maakt en gemakkelijk beïnvloedbaar. Het vele huilen en de onrust bij je baby maken je moe en onzeker. Sommige deskundigen maken daar handig gebruik van en spelen in op je gevoel. Het inbakeren wordt door hen maar wat graag vergeleken met Middeleeuwse toestanden. Ook wordt beweerd dat er allerlei gevaren aan inbakeren kleven.

Ouders hebben recht op objectieve en inhoudelijke informatie. Daarom schrijf ik graag een (nuchtere) reactie op alle commotie die ontstaan is over het inbakeren en de daarbij behorende adviezen.

Advies op basis van onderzoek
Door het Wilhelmina Kinderziekenhuis (UMC Utrecht) is met wetenschappelijk onderzoek aangetoond dat rust, regelmaat en inbakeren helpt. Het helpt vooral bij jonge baby’s tussen 3 en 7 weken oud. Het huilen neemt bij inbakeren direct af, vanaf dag één.

De onderzoekers hebben 2 groepen baby’s met elkaar vergeleken. De ouders van alle baby’s ontvingen adviezen gericht op aanbrengen van rust, regelmaat, voorspelbaarheid en prikkelreductie. De helft van de ouders kregen naast deze adviezen ook instructies om hun baby in te bakeren. De adviezen leidden tot een spectaculaire afname van het huilen in beide groepen. Na één week was het huilen al bijna met de helft afgenomen! Na 2 weken met de helft en na 8 weken met 75%.

Op basis van dit onderzoek is in februari 2007 een nota geschreven over de aanpak van excessief huilen bij zuigelingen. Het gaat om adviezen over het aanbrengen van rust en regelmaat, met of zonder inbakeren, voor zuigelingen die toenemend huilen of de eerste tekenen van excessief huilen vertonen. Deze nota vormt de basis voor de richtlijn “hoe om te gaan bij excessief huilgedrag bij zuigelingen” voor de Jeugdgezondheidszorg (JGZ).
Het Rijksinstituut Volksgezondheid en Milieu (RIVM) heeft echter op 26 januari 2009 besloten het invoeren van deze richtlijn uit te stellen. De reden is onenigheid over de behandeling van huilbaby’s. Professionals konden het (nog) niet eens worden. Verwacht wordt dat er medio 2010 een richtlijn gereed zal zijn waarbij ook andere professionals en beroepsgroepen worden betrokken. Kinderartsen, consultatiebureaus of bijvoorbeeld psychologen moeten ouders met een huilbaby voorlopig naar eigen inzicht adviseren.

Mijn reactie: Daar gáán we weer! De zorg rondom huilbaby’s is al jaren versnipperd en blijft dus voorlopig versnipperd. Het probleem wordt helaas niet met daadkracht aangepakt. Er komen alleen maar meer en meer deskundigen die allemaal beweren dat ze de beste behandeling of methode kunnen bieden. Waarom wordt er geen compromis gezocht?
Eén keer raden wie de dupe zijn. Juist: de baby’s. En hun ouders. Zij moeten het zelf maar uitzoeken en worden van het kastje naar de muur gestuurd.

Reactie op de beweringen in het artikel op www.kindjeopkomst.nl
Geschreven door: Janine Jongsma, magnetiseur

Janine: Er zitten veel haken en ogen aan het inbakeren.

Sylvie: Er is een duidelijk overzicht van situaties waarin je een baby niet mag inbakeren (contra-indicaties). Vergelijk dit overzicht met de bijsluiter van medicijnen. De lijst van bijwerkingen en waarschuwingen is lang, de kans daarop is klein, maar het moet wel gemeld worden. De kans dat er géén contra-indicatie aanwezig is, is vele malen groter! Verder schrijft Janine dat het maar in een korte tijd mag worden toegepast. Dat is mijns inziens juist een voordeel. Ouders weten van te voren dat het een hulpmiddel is om rust te creëren. Wanneer een baby leert op eigen kracht in slaap te vallen, is dat uiteindelijk dé oplossing. Veel baby’s kunnen dat uit zichzelf en andere baby’s hebben daar een hulpmiddel bij nodig. Als baby’s niet op eigen kracht in slaap kunnen vallen verloopt het onrustprobleem meestal van kwaad tot erger.

Janine: Het consultatiebureau zoekt niet naar de werkelijke oorzaak van het huilen.

Onderstaand stappenplan staat beschreven in de richtlijn van het RIVM:

  1. Uitgebreide oriëntatie en verpleegkundige anamnese.

  2. Lichamelijk onderzoek naar mogelijke medische oorzaak van onrust zoals reflux, infecties of koemelkeiwitallergie en uitsluiten van contra-indicaties.

  3. Zorgaanbod concretiseren, rust en regelmaat advies.

  4. Tussentijdse evaluatie en aanpassen zorgaanbod, zo nodig inbakeren toevoegen of doorverwijzen naar bijvoorbeeld een (kinder)fysiotherapeut.

Sylvie: Als ouders mag je deze zorg dus van het consultatiebureau verwachten! Ben je niet tevreden over de omgang of de adviezen, maak het kenbaar. Wil je direct inbakeren, maak het kenbaar. Als je niet door één deur kunt met je cb-verpleegkundige of cb-arts, ga dan naar je huisarts.

Janine: Inbakeren is symptoombestrijding, slechts een tastbaar handvat.

Sylvie: Wat is er mis met een tastbaar, concreet hulpmiddel dat ook nog eens snel en doeltreffend werkt? Zodra een baby beter slaapt en minder huilt krijgen ouders eindelijk de kans om hun kind te leren kennen, zijn lichaamstaal met diverse signalen te ontdekken en daar adequaat op in te spelen.

Voor sommige ouders is dit tastbare handvat een weg naar de uiteindelijke oplossing. Problemen ontstaan immers als de onrust van de baby groter wordt dan de ouders aankunnen. De meest gehanteerde definitie voor een huilbaby, de zogeheten regel van 3, ”de baby huilt meer dan 3 uur per dag voor meer dan 3 dagen per week voor meer dan 3 weken” is mijns inziens achterhaald. De waarneming van ouders kan verschillen, wat voor de een veel is, kan voor de ander draaglijk zijn. Daarom ga ik liever uit van de definitie dat een baby overmatig huilt wanneer de ouders aangeven dat hun baby veel huilt (en dus een hulpvraag hebben).

Janine: Baby’s huilen niet voor niets.

Sylvie: Dat klopt! Wel eens bij stil gestaan dat veel baby’s huilen omdat ze oververmoeid zijn? Uit het onderzoek van het UMC is gebleken dat bij 5 tot 8% van de baby’s het huilen een lichamelijke oorzaak heeft. Huilen kan dus ook betekenen: “Mama, ik ben zó moe.”

Volgens Janine Jongsma smoor je het huilen als je een baby stevig in doeken wikkelt.

Sylvie: Ik vraag me af of zij wel eens een ingebakerde baby geobserveerd heeft. Een baby die ingebakerd is, ontspant zich zichtbaar. Alleen het gezichtje spreekt al boekdelen. Ontspannen betekent een lage cortisol- en adrenalinespiegel (stresshormoon) en een hoge oxytocine- en endorfinespiegel (gemoedshormonen). Dit is alom bekend.

Waarnemingen van ouders:

"We hebben na 2 weken inbakeren een totaal ander kind gekregen, hij is veel rustiger en huilt bijna niet meer. Nooit geweten dat inbakeren z’n positief resultaat zou brengen. Ons kind en het hele gezin is er van opgeknapt."

"De begeleiding en het resultaat zijn echt geweldig. Mijn kindje is geen huilbaby, maar hij had gewoon de kracht niet om in slaap te komen. Als ik hem nu inbaker valt hij al in slaap. En we zijn pas een klein weekje bezig."

Diverse deskundigen, zoals Janine, proberen de twijfel en onzekerheid bij de toch al wanhopige ouders flink aan te wakkeren:

Jeanine: “Stel je gaat je kind gedurende een aantal weken inbakeren onder begeleiding van een wijkverpleegkundige. Je kind blijft maar vreselijk huilen ook na het inbakeren en het toepassen van rust en regelmaat, zou er dan geen medische oorzaak kunnen zijn? Wat als je er daarna achterkomt dat je kindje bijvoorbeeld vanaf zijn geboorte al een oorontsteking heeft die niemand heeft opgemerkt of omdat die door de huisarts niet ontdekt kon worden? Als je dan het geluk mocht hebben dat de kinderarts dit na nader onderzoek wel bemerkt en je hebt na een week antibiotica een tevreden baby, hoe zou jij je dan naderhand voelen over het inbakeren van je kind in de voorafgaande weken? “

Sylvie: Starten met inbakeren betekent niet dat je als ouders moet ophouden met het zoeken naar een mogelijke lichamelijk oorzaak voor het huilen. Bovendien is het inbakeren niet zelden een déél van de oplossing. Het overige deel kan bestaan uit bijvoorbeeld voedingsadviezen of babymassage.
Baby’s die een slechte start hebben gemaakt of baby’s die behandeld zijn voor een lichamelijke aandoening, kunnen daarna toch blijven huilen. Ze hebben simpelweg nog geen kans gekregen om tot rust te komen. Ook deze baby’s (en hun ouders) kunnen er baat bij hebben om doeken als hulpmiddel te gebruiken om alsnog te leren slapen.

In de richtlijn staat: “Als er na 3 dagen geen afname is van het huilen of zelfs toename – en het kind dientengevolge minder slaapt en nog vermoeider wordt, moet het inbakeren worden gestopt. Nu blijft de regelmaat over. Wanneer ook dit geen verbetering te zien geeft, moet op korte termijn een afspraak gepland worden bij de CB-arts.”
De CB-arts kan zo nodig doorverwijzen naar een kinderarts voor een uitgebreid medisch onderzoek. Daarnaast zijn er meerdere interventies binnen het zorgaanbod waarmee ouders geholpen kunnen worden zoals videohometraining, babymassage, houdings- en hanteringsadviezen of gespecialiseerde gezinszorg.

Janine citeert van de website www.veiligslapen.info:

Inbakeren stamt uit oude tijden, toen de mens nog onder primitieve omstandigheden leefde. In de Middeleeuwen was het ook in ons land gebruikelijk, omdat men toen dacht dat het beschermt tegen akelige ziekten als pest en pokken. Sinds een jaar of tien heeft het inwikkelen van een baby zich in Nederland weer enige aanhang verworven. Veel immigranten zijn het van oudsher gewend. Het zou volgens de voorstanders heilzaam zijn voor een baby, maar nut en noodzaak zijn totnogtoe vooral veronderstellingen waarvan de juistheid nergens overtuigend is aangetoond.

Sylvie: Daarom is het  inbakeren-van-nu beschreven in een richtlijn zonder extra gevaar voor een dysplastische heupontwikkeling of voor wiegendood. Tijdens het onderzoek van het UMC zijn traditionele inbakerdoeken en Pacco inbakerdoeken gebruikt en veilig bevonden. Jammer genoeg zijn er ook andere producten op de markt die niet aan de inbakernormen voldoen.

Op veiligslapen.info staat ook geschreven:

Onder bepaalde omstandigheden kan inbakeren ouders van een jonge (tot 7 weken) huilbaby tijdelijk ondersteunen bij het ontwikkelen van een verzorgingspatroon met rust, regelmaat en de voorspelbaarheid die een baby geruststelt.

Janine: Inbakeren is gevaarlijk, kan leiden tot heupafwijkingen of wiegedood.

Sylvie: Een heupafwijking is aangeboren, vaak niet meteen zichtbaar na de geboorte. Daarom wordt er met het huidige inbakeren voldoende ruimte aan de beentjes gegeven zodat het eventueel al aanwezige probleem niet verder negatief wordt beïnvloed. Inbakeren veróórzaakt dus geen heupafwijkingen! In de Pacco inbakerdoeken kan, indien nodig, een baby met spreidluier ingebakerd worden. Het benengedeelte van deze inbakerdoek geeft daarvoor genoeg ruimte.

Het inbakeren zelf is géén factor bij wiegendood. Vanaf de leeftijd van 6 maanden kunnen sommige baby’s zich draaien van rug naar buik, zelfs ingebakerd. Daarvoor gebruiken zij hun beentjes. Voor het terugdraaien van buik naar rug hebben baby’s hun armpjes nodig. Een ingebakerde baby kan dit niet en daarom is de inbakertermijn aan leeftijd gebonden. Iedereen weet intussen dat het slapen in buikligging het risico op wiegendood verhoogd. Voor meer informatie verwijs ik naar www.wiegedood.nl.

De Stichting Wiegendood is betrokken geweest bij het wetenschappelijk onderzoek naar de effectiviteit van inbakeren. Er was interesse naar deze interventie omdat het wellicht het wiegendoodcijfer verder kon terugdringen door rust, regelmaat, vermindering van het huilen en de rugligging.

Janine: Inbakeren vergroot het risico van een verstoorde hechtingsrelatie.

Sylvie: Ik hoorde op de radio laatst een gesprek tussen Ria Blom en Sylvia Nossent (psychologe) over deze bewering. Sylvia haalde als bewijs hiervoor een onderzoek aan met huilende ratten. Klonk mij als moeder niet echt overtuigend in de oren…

Veilige hechting heeft alles te maken met de sensitiviteit van de ouders voor de signalen die hun kind geeft en de intuïtie daarop goed te reageren. Deze gevoeligheid is niet voor iedere ouder even vanzelfsprekend of haalbaar. Elke gezonde ouder kan dit leren ontwikkelen. Mijns inziens is de kans op succes het grootst als ouders een manier kiezen die het beste bij hen en hun situatie past.

Hoe sensitief je als ouder ook bent, van een huilbaby is het maar wat moeilijk om zijn lichaamstaal te ontdekken, laat staan dat je weet hoe je daar het beste op in kunt spelen. Zelfs de meest zelfverzekerde en flexibele ouder kunnen door het aanhoudende huilen van zijn/haar baby veranderen in een onzeker hoopje ellende.

Er zijn gevolgen van overmatig huilen en slaaptekort bekend die mijns inziens dusdanig verontrustend zijn en daardoor om aandacht en ingrijpen vragen:

  • voortdurende stress

  • concentratieproblemen

  • vergeetachtigheid

  • verhoogde ademhaling/hartslag

  • depressiviteit

  • paniekaanvallen

  • sociaal isolement

  • relatieproblemen

  • verlies van gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen

Janine suggereert in de conclusie van haar artikel dat bij rust en regelmaat ook hoort dat je je baby moet laten huilen, desnoods uren…

Sylvie: Ik zou graag willen weten waar dát beschreven staat!

Komt Janine Jongsma met haar artikel nu werkelijk op voor de belangen van ouders met een huilbaby? Ik heb daar grote vraagtekens bij. Als je jezelf deskundig noemt, richt je dan op je eigen deskundigheid in plaats van alleen maar andermans deskundigheid af te kraken. Je doet daarmee bovendien duizenden ouders en baby’s te kort die baat hebben (gehad) bij het inbakeren.

Een moeder schreef mij eens:
“Ons kereltje vertoonde overprikkeld gedrag. Het was een baby-jongetje dat naarmate hij meer getroost werd (op de arm, in bed of in de draagdoek) steeds heviger ging huilen. Een baby die altijd bij mamma KAN slapen is naar mijn gevoel wel in het voordeel, maar ons jongetje kreeg dit niet voor elkaar. En ik ook niet met nog twee intensieve zusjes aan het front.”

Conclusie
Baby’s huilen niet voor niets. De oorzaak kan een allergie zijn of een niet erkende middenoorontsteking. De kans hierop is echter vele malen kleiner dan de ‘simpele’ oorzaak oververmoeidheid… Wat als je baby honger heeft, maar slecht drinkt omdat hij veel te moe is? Wat als de werkelijke oorzaak van krampjes uiteindelijk terug te voeren is op oververmoeidheid? Zelfs een achterstand in motorische ontwikkeling of een groeiachterstand kunnen het gevolg zijn van slaapgebrek.

Op 3 februari j.l. ontving ik deze enquête van een moeder:

Met welke deskundigen heb je de onrust, het huilen of het slechte slapen besproken?
“Verloskundige, kraamverzorgende, verpleegkundige/arts op het consultatiebureau, huisarts, kinderarts en andere ouders, familie en vrienden”

Welke adviezen kreeg je of welke behandelingen heeft je kind ondergaan?
“Andere voeding, inbakeren, rust- en regelmaatadviezen, troosten, laten huilen, strak onderstoppen in bed, behandeling van nekwervels of wervelkolom (o.a. KISS) en opname in het ziekenhuis”

Welk advies of behandeling gaf het beste resultaat?
“Inbakeren”
(overige 2 mogelijkheden niet ingevuld)

Wie heeft je vragen over rust, regelmaat en/ of inbakeren beantwoord?
“Verpleegkundige op het consultatiebureau”

Wat vond je van het advies inhoudelijk van de verpleegkundige?
“Zeer deskundig”

Wat vond je van de begeleiding en ondersteuning van de verpleegkundige?
“Uitstekend”

Opmerkingen/Suggesties:
“Inbakeren heeft ons leven gered”

Sylvie: Wat moet ik hier nog aan toevoegen?
Sommige deskundigen en ouders kiezen liever een andere weg naar rust.
Maar voor veel baby’s en ouders is inbakeren echt een wondermiddel!

Home
Huilbaby's
Ouders
Oorzaken
Gevolgen
Mogelijkheden
Deskundigen
Literatuur
Adressen
Contact
Enquête